THORN - Een 35-jarige man is door de rechtbank Limburg veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Hij pleegde op 10 maart 2020 een inbraak in de Abdijkerk Thorn, dwong het kerkbestuur tot afgifte van geld en heelde een scooter.

Wat is er gebeurd?

De verdachte stal op 10 maart 2020 met een of meer anderen diverse goederen uit de Abdijkerk Thorn. Vervolgens probeerde hij met een of meer anderen telefonisch het kerkbestuur te dwingen tot afgifte van geld in ruil voor de gestolen goederen. Hierbij werd gedreigd de gestolen kunstvoorwerpen om te smelten of plat te stampen indien de kerk niet zou betalen. Ook werd gedreigd dat het slachtoffer iets zou worden aangedaan indien hij de politie zou inschakelen. De verdachte heeft daarna, in een poging het losgeld op te halen, gebruik gemaakt van een gestolen scooter.

Oordeel van de rechtbank

De verdachte verklaart dat hij alleen heeft ingebroken, niet op de hoogte was van de bedreigingen die richting het kerkbestuur zijn geuit en dat hij niet wist dat de scooter gestolen was. De rechtbank ging hier niet in mee. Twee getuigen hebben onder meer verklaard dat de verdachte tegen hen heeft verteld dat hij met 2 anderen naar de kerk is gegaan, met een van die personen naar binnen is gegaan en daar verschillende goederen heeft weggenomen. De rechtbank ziet geen reden aan deze verklaringen te twijfelen. Ook blijkt dat de gevoerde telefonische gesprekken – waarin de bedreigingen zijn geuit – met het kerkbestuur op elkaar aansluiten. Het is de verdachte die de auto – waar het losgeld klaar zou liggen – probeert te openen. De tas die hij dan bij zich heeft, blijkt een deel van de gestolen goederen te bevatten. De verdachte was dus op de hoogte van de inhoud van de gevoerde gesprekken. Het maakt voor de beoordeling niet uit of de verdachte de gesprekken zelf heeft gevoerd, omdat de rechtbank uitgaat van medeplegen. Ook wist de verdachte dat de scooter die hij heeft bestuurd gestolen was, omdat het duidelijk zichtbaar was dat het contactslot ontbrak en de verdachte dit ook heeft gezien.

De gestolen kunstvoorwerpen hebben een grote emotionele en historische waarde. De gestolen goederen zijn nog niet allemaal terugbezorgd en de terugbezorgde voorwerpen zijn dusdanig beschadigd dat er wellicht sprake is van blijvende schade aan die voorwerpen. De verdachte heeft bij deze inbraak een leidende rol gehad. Bij de poging tot het dwingen tot afgifte van geld in ruil voor teruggave van de gestolen goederen heeft de verdachte slechts oog gehad voor zijn eigen financieel gewin en laten zien geen enkel respect te hebben voor de eigendommen en het gevoel van veiligheid van anderen. Door gebruik te maken van een gestolen scooter heeft hij wederom laten zien geen respect te hebben voor het eigendom van anderen. Op zitting heeft de verdachte slechts deels verantwoordelijkheid genomen voor zijn daden en probeerde hij de rechtbank op het verkeerde been te zetten.

Gevangenisstraf

De rechtbank vindt – gezien de ernst van de feiten – een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats. Daarnaast heeft de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd als stok achter de deur om te voorkomen dat de verdachte zich wederom schuldig maakt aan het plegen van strafbare feiten.

De verdachte hoeft de kerk geen schadevergoeding te betalen, omdat namens de kerk is gesteld dat de volledige schade is vergoed of zal worden vergoed door de verzekering.

Naast de straf voor deze feiten zat de verdachte ook nog in een proeftijd van een eerder opgelegde gevangenisstraf. Daarom komen er nog 120 dagen gevangenisstraf bij.